Schnaps- en viezproductie

De productie van viez, de naam die in deze streek gebruikt wordt voor cider, en vruchtenjenevers heeft in dit gebied een lange traditie. De grondstoffen komen uit het rijke aanbod aan appels, peren, kwetsen, pruimen en andere goede fruitsoorten uit met name de klimatologisch milde dalen van de Moezel en de Saar.

De Romeinen namen al deze fruitsoorten uit het zuiden mee en plantten ze hier aan. De kunst van het destilleren raakte echter pas dankzij de kruisvaarten in Midden-Europa bekend. De kruisridders leerden deze techniek in Klein-Azië kennen. Daar werd de op die manier gewonnen alcohol in de eerste plaats voor medicinale doeleinden gebruikt. Ook het woord alcohol komt uit het Arabisch. Het betekent "het zuivere wezen van iets".

Maar zeker vanaf de Dertigjarig Oorlog werd alcohol ook als bedwelmend middel gebruikt. Het heeft in moeilijke tijden onder de plattelandsbevolking heel wat onheil aangericht. Uit de 19e eeuw is bekend dat menigeen al bij het ontbijt brandewijn dronk. Op de Hunsrück gold de zin "Heb je je brandewijn al gedronkenë" zelfs als ochtendbegroeting. In bepaalde formele situaties, zoals bij de wisseling van werkgever, het doen van een aanzoek of bij de dodenwake, had de brandewijn een vaste plaats. Illegaal stoken was uit hygiënische overwegingen al voor de Franse Revolutie verboden. Sinds 1922 geldt in Duitsland een "brandewijn-monopoliewet", dat alleen de staat en speciaal door de staat gelicenseerde stokerijen toestaat dranken met een zeer hoog alcoholpercentage te maken. Maar er zijn altijd periodes geweest waarin wijd en zijd illegaal gestookt werd.